Lezing Oude Testament: Jesaja 63: 19b-64: 8, 

Evangelielezing: Marcus 13: 24-37,

 

Vorige week, op de laatste zondag van het kerkelijk jaar, hebben we gelezen uit Matteüs 24,

en toen zei ik daar al bij dat het een lezing is die vanuit het leesrooster door de jaren heen niet alleen op de laatste zondag klinkt, maar soms ook op de eerste zondag van Advent.

De lezing over de Mensenzoon die na de verschrikkingen zal komen en over de vijgenboom die laat zien dat de zomer in aantocht is.

Ik had toen nog niet vooruit gekeken naar de lezing van vandaag, deze 1e adventszondag.

Maar er hebben dus, dit keer vanuit Marcus, bijna dezelfde woorden geklonken.

  • Altijd fijn als je gelijk krijgt.

 

Maar u denkt misschien: dat weten we dus al.

Dat de beelden van de verschrikkingen die Jezus noemt heel realistisch waren voor de eerste christengemeente na de verwoesting van de tempel en Jeruzalem.

En ook heel realistisch klinken voor ons als Jezus spreekt over oorlogen, hongersnoden, aardbevingen, vrouwen met kinderen op de vlucht.

Maar ook dat het vooral woorden van hoop zijn, meer dan over oordeel en straf, laat staan eeuwig vuur en verdoemenis.

Hoop, nieuw begin zoals de vijgenboom laat zien.

Eén van de weinige bomen in Israël die in de winter helemaal kaal wordt, dood lijkt,

maar dan toch al is het laat in het seizoen, toch weer bladeren en vruchten krijgt.

Hoop waar we niet zonder kunnen in het leven.

  • Tot zover de samenvatting van vorige week.

 

In de laatste zinnen van de overdenking vorige week verbond ik ‘hoop’ en ‘verwachten’, daadwerkelijk verwachten.

En, nogmaals, zonder dat ik vooruit gekeken had naar de lezing van vandaag,

ligt daarin de verbinding naar wat Marcus nog toevoegt in vergelijking met Matteüs:

de oproep om waakzaam te zijn,

vanuit de kleine gelijkenis over de man die op reis gaat en zijn huis in beheer laat bij zijn dienaren, om de wacht te houden.

‘Wees waakzaam’ zegt Jezus daarbij, dat je er klaar voor bent als de Heer terugkomt.

‘Verwacht de komst des Heren’ zingen we straks in het slotlied.

Niet alleen hopen maar ook verwachten, daarover gaat het vandaag.

In die zin is de overdenking van vandaag niet een verdubbeling maar, hoop ik en verwacht u nu misschien, een vervolg van vorige week.

 

De beelden die Jezus noemt, over de verschrikkingen zijn realistisch waar het gaat over oorlogen, aardbevingen en hongersnoden, mensen op de vlucht.

Voor de tijd toen en ook voor ons nu herkenbaar in onze tijd.

Het zijn beelden die de soms vraag oproepen of wij nu in die tijd leven, of het de tekenen van de eindtijd zijn, ook de beelden over de komst van de Mensenzoon.

Maar we moeten daarbij blijven bedenken dat het beelden zijn, beelden vanuit het wereldbeeld en het geloof van die dagen.

Wij weten nu dat de hemel geen koepel boven een platte aarde is, dus dat sterren niet naar beneden kunnen vallen.

We weten dat de maan geen licht geeft, alleen weerkaatst.

En ook dat het allemaal niet is gebeurd tijdens de generatie van die tijd, zoals Jezus zegt.

In die zin zijn de zogenaamde eindtijdteksten geen voorspelling of spoorboekje dat laat  weten dan en dan en zo en zo zal het precies gebeuren.

Daar kunnen we deze teksten niet voor gebruiken.

Jezus spreekt hier met woorden als van de profeten in het Oude Testament.

Ook geen voorspellers van hoe de geschiedenis zal gaan,

hun woorden zijn vooral waarschuwingen tegen de misstanden die er zijn,

waarschuwingen hoe het kán gaan als het volk zich niet omkeert en daarmee zijn ze oproep tot omkeer, om trouw te blijven aan God en aan Gods woord en geboden.

Zo roepen ook onze teksten van vanmorgen, de woorden van Jezus de vraag op hoe wij, vanuit die beelden, de realistische beelden van de verschrikkingen van oorlogen en de verwachting van Gods toekomst,

hoe wij trouw blijven aan God en Gods woord.

Hoe wij, met al die beelden en vanuit ons vertrouwen op God nu in deze tijd in het leven staan .

 

Als je om je heen kijkt, de weer opgelaaide oorlog in Israël en Gaza, de voortdurende oorlog in Oekraïne, de vluchtelingenstromen, de klimaatcrisis, de ontwikkelingen in ons land met de verkiezingen,

- voorbeelden die bijna eentonig worden zo vaak noemen we ze –

maar als je daar naar kijkt en dat op je in laat werken,

hoe sta je dan in het leven, met welk levensgevoel en levenshouding?

Je kunt zeggen: er zijn twee manieren om in het leven te staan.

Je hebt de optimisten die zeggen: ‘het zal zo’n vaart niet lopen, het komt wel goed,

we vinden wel een oplossing voor de problemen die er zijn, uiteindelijk zal er weer rust en vrede komen’.

En je hebt pessimisten die het somber en negatief zien: ‘de problemen zijn te groot voor ons, we zijn te laat, en: het gaat helemaal mis in de wereld’.

Misschien dat u/jij zich in één van beiden herkent,

maar vanuit het geloof dat wij delen is het ook de vraag of er vanuit ons geloof een derde mogelijkheid is.

En natuurlijk hebben we vorige week al de ‘hoop’ benoemt.

Hoop is meer dan optimisme ‘dat de wereld wel weer beter zal worden’.

De Amerikaanse rabbijn Jonathan Sacks zegt over hoop:

‘Hoop is niet alleen passief, zegt hij, hoop is een actieve deugd, is het geloof dat we, samen, de wereld beter kunnen maken’.

Is verantwoordelijkheid nemen voor een goede toekomst.

En ik denk dat we dan dicht komen bij de oproep tot waakzaamheid die Marcus hier toevoegt aan de woorden die ook Matteüs heeft geschreven.

‘Wees waakzaam’ zegt Jezus, waakzaam als de dienaren die op het huis van de heer, die op reis is, moeten passen.

En ‘waakzaam zijn’, op het huis van de heer passen, is natuurlijk meer dan rustig zitten afwachten totdat de heer van het huis terug komt.

Dat zou je bij wijze van spreken ‘slapend’ kunnen doen.

Maar, zegt Jezus, ‘laat hij jullie niet slapend aantreffen wanneer hij plotseling komt’.

‘Waakzaam zijn’ betekent zelfs niet alleen ‘wakker zijn’,

maar betekent zorgen voor een goede gang van zaken in het huis, dat het huis leefbaar is en blijft, bewoonbaar is als de heer van het huis terugkomt.

Schoon, warm en gezellig, genoeg voorraden in huis.

 

De stap van het huis uit de gelijkenis naar het ‘huis’ van ons leven en van de wereld waarin wij wonen, is denk ik niet zo groot.

Misschien zelfs is de heer die op reis is voor ons herkenbaar als beeld voor God die voor ons gevoel vaak ook verborgen en afwezig lijkt.

Gevoel dat we aan ons lot, of liever gezegd aan de gang van de geschiedenis zijn overgeleverd, aan de gevolgen van onze moderne, verslindende en vervuilende levenswijze en aan de grillen van machthebbers.

Maar: ‘wees waakzaam’ klinkt daarbij ook voor ons.

Zorg voor de wereld en het leven, ons leven en dat van mensen en ook de natuur om ons heen.

‘Wees waakzaam’, net als let op de tekenen, wat je om je heen ziet.

Jezus schetst al die verschrikkingen niet voor niets, we moeten dat serieus nemen, wat er in de wereld en ook in ons land gebeurt.

Onderschat het niet, denk niet het valt wel mee, het gaat wel weer over, de optimistische kijk.

Maar ook, denk niet pessimistisch en fatalistisch dat dit het einde of het begin van het einde is, dat heel de wereld en de samenleving nu in zullen storten.

 

Al die verschrikkingen zijn niet het einde, zegt Jezus eerder in dit hoofdstuk, ze zijn niet het doel, dat is het woord dat Jezus daar gebruikt.

Het doel is iets anders, daar waar het naar toe moet met de wereld, het leven.

Richt je daar op, kijk daar naar uit, waakzaam.

Door als goede beheerders goed voor ons huis, de wereld, ons samenleven te zorgen.

Dat de wereld, dichtbij en veraf, leefbaar blijft, schoon, voldoende voedsel, rust en vrede, ruimte om te leven voor mens en dier.

En ook door een tegenstem te laten horen tegen wie dat bedreigt en wil bederven.

Afgelopen week zei een analyticus op de radio n.a.v. de verkiezingsuitslag en de reden daarvan:

‘we moeten ook bij onszelf te rade gaan, wat wij hebben laten gebeuren.

Zwijgen we niet teveel, willen we nog betalen voor goede nieuwszenders en nieuwsmedia,

steunen we genoeg politieke partijen en andere organisaties die solidariteit, zorgzaamheid en gerechtigheid uitdragen voor wie dat nodig heeft in ons land, voor slachtoffers van oorlog en geweld.

Martin Luther King, in de 60-er jaren één van de leiders van de Amerikaanse burgerrechtenbeweging, zei al:

‘Voor het slagen van het kwaad is niets anders nodig dan dat goede mensen niets doen.

Als goede mensen niets anders doen dan rustig hun dagelijks leventje leven, dan kunnen kwadere machten ongestoord hun gang gaan, niet gehinderd door de zogenaamde zwijgende meerderheid’.

 

Zijn wij werkelijk, dáad-werkelijk waakzaam?

 

Ons is het huis van de heer toevertrouwd.

Het huis van ons eigen leven, onze ziel, ons lichaam, om er goed voor te zorgen.

Het huis van ons land, de wereld.

Om het mooier en beter maken dan het vaak is,

de aarde leefbaar voor al die velen, groot en klein, mens, dier, natuur die daarop leven.

Het huis ook van de kerk, onze gemeente, tot een huis van geborgenheid, meeleven en omzien naar elkaar, waarin ieder zichzelf mag zijn.

Zo daadwerkelijk waakzaam en verwachtingsvol leven.

En dan eindig ik toch weer met dezelfde laatste zin als vorige week:

Dan wordt het echt Advent.

Volgende kerkdienst

  • Eerstvolgende kerkdienst is op
    zondag 3 maart om 10:00 uur
    Voorganger:
    ds. Attie Minnema
    3e zondag 40-dagentijd. Dienst van Schrift en Tafel
    Er is oppas, kindernevendienst en jeugdkerk.
    M.m.v. de cantorij o.l.v. Jan Marten de Vries
    Locatie: De Toevlucht

Save
Cookies user preferences
De Twitter feed benodigt toestemming voor cookies, maar u mag deze ook weigeren.
Alles accepteren
Alles weigeren
Analytics
Tools used to analyze the data to measure the effectiveness of a website and to understand how it works.
Twitter
Accepteren
Weigeren