We lezen enkele verzen uit de hoofdstukken 18, 19 en 20 uit het Bijbelboek Leviticus,

waarin een lange opsomming staat van allerlei verboden en straffen voor overtreding van die verboden. Centraal als ‘tekst met grote gevolgen’ staat vooral het vers uit Leviticus 20: 13.

Lezing Oude Testament Leviticus 18: 1 – 5, Lev. 19: 1 en 2 Lev. 20: 13, Lev. 20: 22 - 24

 

Vroeger werd in veel kerkelijke gezinnen bij de maaltijd aan tafel de Bijbel gelezen ‘van kaft tot kaft’, van begin tot eind.

Ik weet niet of dat nu in veel gezinnen nog iedere dag gebeurt.

Het gezinsprogramma is daar misschien vaak veel te druk voor met alle sport en andere activiteiten van de gezinsleden.

En, voor zover dat nog wel gebeurt, Bijbellezen aan tafel, is dat tegenwoordig denk ik vaak uit een kinderbijbel of aan de hand van een Bijbelleesrooster.

Maar vroeger werd vaak de Bijbel gelezen van begin, Genesis, tot eind, het laatste Bijbelboek Openbaring.

Alleen de geslachtsregisters werden soms overgeslagen, lange opsommingen: ‘die verwekte die, en die verwekte die’ enzovoort, daar werd blijkbaar weinig stichtelijks in gehoord.

 

N.a.v. de tekst van vanmorgen, vroeg ik mij af of hoofdstukken zoals Leviticus 18 t/m 20 ook werden gelezen.

Ik weet het niet meer uit mijn jeugd, maar ik kan me voorstellen dat deze teksten ook werden overgeslagen.

Vanwege de lange opsomming, maar ook vanwege de vreemde en weerzinwekkende voorbeelden van seksuele gemeenschap met bloedverwanten en zelfs dieren.

Ik denk dat veel Bijbelleesroosters deze hoofdstukken overslaan.

 

Oók in vroegere jaren, ik weet dat nog wel uit mijn jeugd en velen van jullie vast ook,

werd er in de kerkdienst vaak gepreekt naar aanleiding van één of enkele Bijbelverzen.

Na de Schriftlezingen en aan het begin van de preek werd dan zoiets gezegd als:

‘de tekst voor de preek vanmorgen is……..’.

en dan werd één verzen of werden enkele verzen nogmaals gelezen.

Een uitspraak van Jezus, of van Paulus of een profeet, of een andere tekst, soms maar een enkele zin.

 

Dat hoor je volgens mij tegenwoordig eigenlijk niet meer, zeker niet in onze gewoon protestantse kerken.

Dat één Bijbelvers of soms maar één zin zo benoemd wordt als tekst voor de preek.

Ik, en de collega’s van mijn generatie en daarna, hebben dat afgeleerd, om er één Bijbelvers uit te plukken, vanuit het besef dat je een Bijbelvers altijd moet lezen in de context,

in het verband van het verhaal of het Bijbelgedeelte waarin die tekst staat, en in de tijd en situatie waarin de tekst is opgeschreven.

Om zo goed mogelijk te tekst te begrijpen, en zo dicht mogelijk te komen bij de bedoeling van de Bijbelschrijver.

 

Dat geldt zeker ook voor de tekst die vanmorgen centraal staat als een ‘tekst met grote gevolgen’, Leviticus 20: 13.

‘Wie met een man het bed deelt als met een vrouw, begaat een gruweldaad.

Beiden moeten ter dood gebracht worden en hebben hun dood aan zichzelf te wijten.’

Dat is de tekst die in de preekwedstrijd is aangereikt.

Maar vanuit dat besef, dat je de context van een tekst in de uitleg mee moet betrekken, hebben we daar een aantal verzen uit Leviticus 18, 19 en 20 bij gelezen.

Een beetje lastig bladeren voor de lector Carina, maar die drie hoofdstukken helemaal lezen was wel weer erg veel geweest.

En ook wel veel gevraagd van lector en van ons ons als hoorders,

want er klinken in die hoofdstukken heel wat voorschriften waar wij nu vreemd van zouden opkijken, als onvoorstelbaar, zowel de benoeming van het ‘kwaad’ als de straffen die genoemd worden: uitstoting, stenigen en zelfs de doodstraf.

 

Daarom eerst iets over de context van deze hoofdstukken.

De naam van het Bijbelboek Leviticus laat al zien dat het vooral gaat over allerlei voorschriften voor de priesters in Israël en de Levieten.

Het is een verzameling regels over de eredienst en het sociale leven.

Grotendeels voor de priesters, maar in de hoofdstukken 17 t/m 27 ook voor het gewone volk.

En in de hoofdstukken 18 t/m 20 gaat het vooral over sociale en seksuele relaties.

 

Heel veel regels daarvan zijn ontstaan vanuit de ervaring van het volk Israël met de volken om hen heen.

Volken met afgodendienst waarbij allerlei excessen en uitspattingen plaatsvonden,

waarin seksualiteit tot religie was gemaakt, vergoddelijking van seksualiteit zelfs in tempelprostitutie. 

Tegennatuurlijke relaties door mannen, - het gaat bijna alleen over mannen -,

seksuele activiteiten niet passend bij hun aard en zijn,

om hun mannelijkheid te bewijzen, potentie te stimuleren, macht te krijgen en zelfs religieuze verlossing te vinden.

Daarom klinkt in onze tekst ook zelfs het woord ‘gruwel’ dat in de Bijbel vaak verwijst naar afgodendienst.

 

Voor het volk Israël, levend met en tussen die volken, klinkt in het boek Leviticus de roep om heilig te leven en zich van die volken om hen heen te onderscheiden.

‘Ik ben de Heer, jullie God, die jullie van alle andere volken heeft onderscheiden’.

‘Wees heilig, want ik de Heer jullie God ben heilig’.

Het woord ‘heilig’ komt het meeste voor in het boek Leviticus, maar liefst 152 keer.

Daartoe wordt Israël opgeroepen, om ‘heilig’ te zijn.

Dat wil niet zeggen dat ze als mensen beter zijn dan anderen, maar wel dat het volk geroepen is om anders te zijn dan de andere volken om hen heen.

Ze hebben een eigen opdracht en bestemming, om volk van God te zijn,

en daarbij passen een eigen levensstijl en waarden zoals menselijkheid, en recht en gerechtigheid, liefde tot God en tot de naaste, eerbied voor de schepping.

Om zo het leven vorm te geven zoals God het bedoeld heeft in het door God beloofde land.

Om ‘heilig’ te leven, zoals God heilig is,

als mensen naar Gods beeld en gelijkenis, als liefdevolle medemensen voor elkaar.

 

Daarom die strenge veroordeling en straffen voor de Israëlieten,

als waarschuwing om niet mee te gaan en mee te doen in de heidense en mensonterende levenswijze van de volken om hen heen.

Dat is de specifieke context van deze teksten en daarom kunnen en hoeven wij al die regels en voorschriften dus niet zomaar letterlijk over te nemen.

Net zoals we dat niet doen waar het in de teksten gaat over de doodstraf of over stenigen, wat in die tijd heel gewoon was,

of slavernij of de vrouw die werd gezien als bezit van de man.

Zaken die wij allang niet meer zo zien.

In die zin mag je zeggen dat ook wie de Bijbel letterlijk wil lezen en uitleggen,

verzen als onze tekst van vanmorgen als veroordeling van homoseksualiteit,

dat diegene zelf ook selectief leest.

 

Bij dit alles moeten we ook bedenken dat het Oude Testament gericht is op de wording en groei van het volk Israël.

‘Wees vruchtbaar en wordt talrijk’, zegt God zegenend in Genesis 1 tegen Adam en Eva.

Dus de afwijzing van ‘same-sex’ relaties was ook vanwege het belang van voortplanting en huwelijksvruchtbaarheid.

Iets waar we in onze tijd ook anders mee omgaan, terwijl er nu voor homostellen ook meer mogelijkheden zijn om kinderen te krijgen.

 

Het gaat in deze tekst in Leviticus 20 en ook in andere Bijbelteksten daarover, dus niet over homoseksualiteit zoals wij dat kennen:

over leven en relaties passend bij wie jij ten diepste bent, waarin jij jezelf kunt zijn in een  liefdevolle relatie in gelijkwaardig en onderling respect.

 

Deze teksten hebben wel grote gevolgen gehad, zoals de titel van de preekwedstrijd zegt.

Mensen, mannen en vrouwen, veroordeeld en beschadigd, zelfs tot zelfdoding toe.

Zelfontkenning, geheime levens, homo-genezingstherapiën, conflicten en verwijdering tussen ouders en kinderen, gezinsleden.

En nog steeds is er ook in ons land discriminatie en pesten, op school of op het werk en zelfs homo-geweld.

En ook in de kerk, ook in onze brede PKN, is er nog niet altijd een veilig klimaat van acceptatie.

 

Dat wil niet zeggen dat we deze teksten uit de Bijbel moeten schrappen.

Want als we naar de context en de bedoeling van deze teksten kijken, dan kunnen we daar juist veel van leren en inspiratie in vinden.

De oproep om niet mee te doen in wat, ook in onze tijd en samenleving, de humaniteit, de menselijkheid bedreigt.

Ons daarvan te onderscheiden, zoals Israël van de andere volken.

Om onze stem te laten horen en te protesteren waar mensen, mannen, vrouwen, kinderen gebruikt en misbruikt worden voor eigen plezier en lust, voor gewin of om jezelf groot te maken.

Want dat is wat in deze hoofdstukken in Leviticus veroordeeld wordt.

 

Het boek Leviticus en deze Bijbelteksten laten ons de richting zien waartoe God ons roept om te leven.

De Hebreeuwse naam van dit 3e Bijbelboek is ‘Hij riep’ naar de eerste woorden in hoofdstuk 1:

‘De Heer riep’.

Het volk Israël wordt geroepen een heilig volk te zijn.

Zo worden ook wij geroepen om, als mens naar Gods beeld en gelijkenis, ‘heilig’ te leven zoals God heilig is.

Dat wil, nogmaals, niet zeggen dat we beter zijn dan anderen.

Geen ‘heilige boontjes’.

Maar ‘heilig’, zoals God heilig is, betekent elkaar en de schepping respecteren en opbouwen, elkaar doen groeien als mens door liefdevol en respectvol met elkaar om te gaan.

Onze stem laten horen en te protesteren waar mensen daarvoor níet de ruimte krijgen.

 

Ieder, als mens naar Gods beeld en gelijkenis, de ruimte gunnen en geven om jezelf te mogen zijn. 

Ruimte voor ieder mens, man, vrouw, LHBTQI+, om ‘pride’ : trots in liefde te kunnen leven.

Volgende kerkdienst

Eerstvolgende kerkdienst is op
Zon 12 December om 10:00 uur in De Toevlucht

Informatie bij deze dienst:
derde Advent

Voorganger: ds. A. Minnema
Ouderling van dienst: Jonathan Heiner