Zondag Werelddiaconaat       Thema: In Verbinding

 

Vorige week was het Israëlzondag en vandaag lezen we in het Bijbelboek Ezra over één van de joodse feesten: het Loofhuttenfeest.

Afgelopen week t/m vrijdag vierden de joodse gelovigen 8 dagen lang het Loofhuttenfeest.

Het Loofhuttenfeest is het feest waarop het joodse volk herdenkt dat de Israëlieten 40 jaar door de woestijn zijn getrokken, vanuit het slavenhuis Egypte naar het beloofde land.

Een lange tocht, waarin de Israëlieten in de woestijn in tenten of hutten woonden.

Zo’n tent of hutje noemden ze een Soekot.

Ieder jaar op het Loofhuttenfeest bouwen joden een Soekot, zo’n hutje, in hun tuin of op het balkon.    

Een eenvoudig bouwsel, ‘Vier muurtjes en een dak van riet’,

want zo was het in de woestijn ook, van takken en bladeren, dus een kwetsbaar onderkomen, waarbij je door bladeren en takken in het dak de lucht en ’s nachts de sterren nog moet kunnen zien.

De loofhut laat zo de kwetsbaarheid van het leven zien en herinnert eraan dat je altijd de hemel in het oog moet houden, als besef van afhankelijkheid van God.

Tegelijk kun je ook zeggen dat, vanwege de openingen in het dak, niet alleen regen en door er doorheen kan komen – maar gelukkig regent het in oktober nog niet zo veel in Israël -,

maar ook dat het licht van God daar doorheen kan schijnen, over ons leven,

het laat zien: ook over de kwetsbaarheid van het leven schijnt Gods licht.

 

Het loofhuttenfeest is ook een oogstfeest, waarbij de joden vieren dat de laatste oogst is binnengehaald.

De loofhut wordt versierd o.a. met vruchten en groenten, ook de loofhut op tafel: een appel en sinaasappel, een banaan.

En in de loofhut hoort ook een bundel van takken: een loelav: een dadelpalmtak, twee wilgentakken en drie mirretakken.

Die hele bundel heet loelav, ook hoort er nog een citrusvrucht, een etrog, bij. We zien: citroen

Deze bundel van takken, de loelav, is een symbool van vreugde.

Het geheel staat symbool voor kennis van de Thora, de wet en het doen van goede daden.

De verschillende taken zijn symbool voor de eenheid van het joodse volk.

Tijdens de diensten in de synagoge wordt de loelav in verschillende richtingen gezwaaid: de 4 windrichtingen en omhoog en omlaag.

Dit laat zien dat Gods goedheid voor iedereen is.

Het Loofhuttenfeest is in de 7e maand en duurt 7 dagen en eigenlijk is het dan een plicht om 7 dagen vrolijk te zijn.

Alle maaltijden worden in de Loofhut gegeten, zoveel mogelijk samen met vrienden en familie.

Daarmee past de Soekot, de Loofhut ook mooi bij het thema: In Verbinding,

verbinding met God, van wie we afhankelijk zijn, die voor ons zorgt, ook in de woestijn of in woestijntijden.

En verbinding met elkaar.

Verbinding met elkaar in en rond het vieren van de verbinding met God.

 

Vooraf bij de lezingen:

 

De afgelopen twee zondagen hebben we uit het Bijbelboek Daniël gelezen, over Daniël en zijn vrienden en andere volksgenoten in ballingschap in Babylonië.

Vandaag lezen we uit het Bijbelboek Ezra, dat gaat over de terugkeer van het volk naar het land Juda en naar Jeruzalem.

De Babyloniërs zijn overwonnen door de Perziche koning Cyrus.

En anders dan de koning van Babylonië vind Cyrus het belangrijk dat de volken waarover hij koning is, hun eigen identiteit en geloof kunnen bewaren.

En Cyrus geeft de opdracht aan de joden om terug te gaan naar Juda en Jeruzalem en ook de tempel weer te herbouwen.

 

De eerste lezing Ezra 1: 1-7 en 3: 1-6

 

De evangelielezing is Johannes 15: 1 – 8,

 

 

‘In Verbinding’, het thema van deze dienst in het kader van het Werelddiaconaat, is een mooi maar ook een pijnlijk thema.

Want juist die verbinding, de verbondenheid met elkaar, dat is iets wat we in deze tijd van corona maar moeilijk kunnen ervaren en vaak moeten missen.

De verbondenheid, die vooral ook fysiek te kunnen ervaren.

Natuurlijk zijn er veel manieren, zeker in onze moderne tijd, om met elkaar verbonden te zijn: telefoon, e-mail, whattsappen, skypen en beeldbellen en noem maar op.

Maar dat heeft toch z’n beperkingen.

 

‘In Verbinding’ zijn, dat is toch eigenlijk wat ons tot mens maakt.

Van jongs af aan sta je in verbinding met mensen: je ouders, eventueel broertjes, zusjes, familie, vrienden, klasgenoten, collega’s.

In verbinding met elkaar, elkaar ontmoeten, in gesprek zijn, contact – ook fysiek, lichamelijk: een hand, een zoen, knuffelen, omhelzen.

Mensen zijn sociale wezens.

En al zijn we daarin natuurlijk ook weer verschillend, meer of minder ook soms graag op jezelf, geen mens kan altijd en helemaal alleen leven.

‘No men is an island’, zingt een lied, geen mens is een eiland.

 

‘In Verbinding’ zijn is toch ook wat we zoeken in de kerk, of in het geloof.

Juist het contact met elkaar, elkaar ontmoeten rond de kerkdienst, samen koffiedrinken, samen het geloof beleven, dat is wat we nu zo missen.

 

Hoewel het woord ‘verbinding’ niet voorkomt in de Bijbel, is het een belangrijke notie in Bijbel en geloof.

Belangrijke Bijbelse woorden zijn wel: verbond en gemeenschap.

Dat gaat allereerst over de verbondenheid met God.

God zoekt verbinding met de mens, heel de Bijbel door komt God naar mensen toe, spreekt ons aan, komt in Jezus bij ons wonen.

Jezus heeft zich zelfs tot in de dood ingezet om de verbondenheid tussen God en mensen te herstellen.

 

Wij zijn geschapen naar Gods beeld, dat betekent vooral: bestemd voor relatie, met God en ook met elkaar.

‘Het is niet goed dat de mens alleen is’, zegt het scheppingsverhaal.

Zo zijn we ook in de geloofsgemeenschap met elkaar verbonden.

Paulus gebruikt het beeld van het lichaam dat bestaat uit vele delen, we zijn verschillend  maar kunnen niet zonder elkaar.

Als we het avondmaal vieren, vieren we de gemeenschap met God en met elkaar.

Samen eten verbindt, samen zingen, wat we nu ook moeten missen en daardoor missen we ook verbondenheid in geloofsbeleving.

 

Eén van de verklaringen van het woord religie is dat het komt van het Latijnse woord ‘religare’: verbinden, allereerst tussen God en mens.

Als in de lezing in Ezra verteld wordt dat het volk Israël na de terugkeer uit Babylonië zich weer in het eigen land heeft gevestigd, dan is één van de eerste dingen die ze doen: een altaar oprichten, om God te kunnen offeren.

Om zo hun dankbaarheid en verbondenheid met God uit te drukken.

En het Loofhuttenfeest dat ze vieren is vooral een feest van besef van afhankelijkheid van God in de kwetsbaarheid van het leven.

De openheid van het dak van de loofhut, het kunnen zien van de sterren,

het licht van God dat door het dak kan schijnen: het verbeeldt leven in Gods licht en aanwezigheid.

Het besef van afhankelijkheid dat ook wordt uitgedrukt in het Loofhuttenfeest als oogstfeest, om God te danken voor de goedheid en de opbrengst van de aarde.

Dat het volk Israël, na de terugkeer uit ballingschap, daar als eerste aandacht voor heeft,

het vieren van de verbondenheid met God, nog voor de tempel weer herbouwd is,

laat zien dat ze beseffen dat die verbondenheid de basis is voor hun leven.

 

Die verbondenheid zien we ook in het beeld van de wijnstok in de evangelielezing: wij als de ranken aan de wijnstok die Jezus voor ons is.

Om vanuit die verbondenheid vrucht te dragen.

Vanuit de verbondenheid met God worden wij geroepen tot verbinding met  elkaar.

Om samen het geloof te beleven: ‘waar twee of drie in mijn naam bij elkaar zijn’.

Tot verbondenheid met de mensen dichtbij en ook veraf.

De grondgedachte voor het werelddiaconaat waar we vandaag bij stilstaan.

 

Verbondenheid omdat je de ander ook ziet als een mens als jij, als kind van God.

Daarin zijn we met elkaar verbonden.

 

Deze week kwam ik twee keer een bericht tegen over het belang van elkaar zien.

 

 

Een leerkracht vertelde dat een leerling tegen hem zei: ‘u ziet mij niet’,

en de leerkracht besefte dat de jongen gelijk had, dat de jongen voor hem vooral één-van-de-28 leerlingen in zijn klas was.

 

Dit weekend in dagblad Trouw op de religiepagina zegt een theoloog en kerkpionier dat het er om gaat elkaar, de ander te zien.

Als we elkaar zien, echt zien, dat pas kunnen we ‘in verbinding’ zijn.

Zien, voorbij verschillen, verschil van mening ook, voorbij uiterlijkheden, vooroordelen.

Aandacht, liefde, zien wie de ander is, wat hij of zij nodig heeft.

 

We geloven dat God óns ziet, in wie we ten diepste zijn en in wat ons bezighoudt.

God verbindt zich met ons, ziet ons, wie we zijn, wat wij nodig hebben.

Vanuit die geborgenheid, in die geborgenheid kunnen wij ruimte vinden elkaar te zien en ons te verbinden met elkaar.

Zien wat de ander nodig heeft: aandacht, zorg, voedsel, ruimte om te leven.

Ook in deze tijd waarin wij leven, een tijd vol onzekerheid, gevoel van onveiligheid.

Al kunnen we elkaar fysiek minder ontmoeten.

Als we elkaar kunnen laten weten elkaar toch te zien, niet uit het oog te verliezen, al is het via de telefoon of email, een kaartje in de brievenbus,

dan blijft de verbondenheid.

Zoals we die, in heel praktische hulp, ook kunnen laten zien aan wie extra aandacht en zorgzaamheid nodig heeft, in het werelddiaconaat, via de voedselbank.

 

Want zien en gezien worden is wat ons verbindt, met God en met elkaar.

 

 

Volgende kerkdienst

Eerstvolgende kerkdienst is op
Zon 25 Oktober om 10:00 uur in De Toevlucht

Informatie bij deze dienst:
Lezingen: Nehemia 7: 72b-8:18 en Matteüs 22: 34-46.

Voorganger: ds. Reinhard van Elderen