Lezingen:

Exodus 15: 1 – 6, 20, 21, Romeinen 8: 14-17, Matteüs 9: 18,19 en 23 - 26.

 

We hebben drie Bijbelgedeelten over bevrijding gelezen, drie heel verschillende verhalen.

Het lied van Mozes en Mirjam over daadwerkelijke bevrijding van het volk Israël uit het slavenbestaan in Egypte.

De Romeinenbrief over het in vrijheid gezet worden door de Geest om kinderen van God te zijn.

En het ontroerende verhaal van het dochtertje van Jaïrus dat gestorven is.

Maar haar vader vraagt Jezus : ‘Kom en leg haar de hand op, dan zal ze weer leven.’

En zo gebeurt het, Jezus neemt haar bij de hand en ze wordt bevrijd uit de doodsheid die haar gevangen hield, ze staat op tot leven.

 

Bevrijding uit slavernij van onderdrukking, angst en doodsheid.

Voor de Caribische christenen die ons het materiaal voor deze viering hebben aangereikt, was die slavernij heel concreet, eeuwenlang slaaf te zijn, onvrijheid, onderdrukking, een mensonwaardig bestaan.

Waarbij we moeten erkennen dat de christelijke zending daar ook een rol in heeft gespeeld, met de Bijbel in de hand als legitimatie van de slavernij.

Gelukkig heeft de Bijbel ook een andere rol gespeeld, als bron van inspiratie juist voor inzet voor vrijheid, voor troost en bevrijding.

 

Vanuit die slavernijervaring van de Caribische christenen zijn als symboliek bij het thema van deze viering kettingen genoemd als beeldende vorm.

Echte ijzeren kettingen als symbool van de slavernij, ontmenselijking en racisme waar de Caribische slaven onder gebukt gingen.

 

Die symboliek hebben we weggelaten, maar we weten dat er steeds nog veel vormen van hedendaagse slavernij zijn.

Nog steeds is er mensenhandel, kinderarbeid, worden armen uitgebuit in slecht betaalde en ongezonde industrie, in prostitutie, pornografie,

en zitten veel landen en volken nog gevangen in  armoede en afhankelijkheid.

En daar kunnen wij niet van zeggen dat dat ver van ons bed is, want het is volop verweven met ons economische systeem en welvaart.

Waar ook wij weer op een bepaalde manier in gevangen zitten.

Want zo gemakkelijk geven wij ook niet ons verworvenheden, rijkdommen op ten behoeve van al de armen in de wereld.

Of willen wij inleveren en minderen voor een eerlijker verdeling wereldwijd, een beter klimaat en milieu.

En waar we dat wel willen en proberen, hebben we toch vaak het gevoel dat dat maar zo weinig uitmaakt, dat kleine beetje wat wij, wat ik kan doen,

want als samenleving lijken we gevangen te zitten in het grote doel van ‘economische groei’.

 

En als we eerlijk naar onszelf persoonlijk kijken zijn er heel wat verslavingen, ketenen die ons kunnen vasthouden.

Ik denk dat ieder voor zichzelf daar wel invulling aan kan geven, dat wat je maar heel moeilijk zou kunnen en willen missen in je leven, ook al weet je dat het ten koste gaat van welzijn van jezelf of anderen, zelfs van mensen verder weg.

Of hoe je vast kunt zitten, gevangen in bepaalde ideeën en beelden, oordelen en vooroordelen, patronen, die je wel los en achter je zou willen laten, maar hoe vaak betrap je jezelf er niet op toch weer in oude fouten te vervallen.

Driftigheid, te snel oordelen, te scherp uit de hoek komen, iets eruit flappen zonder eerst na te denken, en noem maar op.

 

En natuurlijk moeten we het, op deze zondag van gebed voor eenheid van christenen, ook hebben over onszelf als kerken en gelovigen.

Hoe wij gevangen kunnen zitten in beelden, oordelen en vooroordelen over elkaar.

Over de verschillenden kerken en geloofsgemeenschappen, maar ook binnen de eigen kerkgemeenschap, of over anders gelovigen.

Dé protestanten, dé katholieken, zoals ook dé moslims.

Dé orthodoxen, dé vrijzinnigen.

De lezingen van vandaag roepen ons ook op om op weg te gaan vanuit het gevangen zitten in die beelden en vooroordelen over elkaar.

Om, zoals de Romeinen brief het zegt, elkaar te zien als kinderen van God.

Dat zijn we, allemaal, door de Geest van God.

En zoals kinderen, zelfs in één gezin, heel verschillend kunnen zijn, maar toch bij elkaar horen en met elkaar zijn verbonden,

zo horen wij als christenen bij elkaar en zijn we met elkaar verbonden, in Christus.

 

De afgelopen jaren hebben we kleine stappen gezet in de oecumene hier in Nootdorp en Ypenburg.

Gezamenlijke vieringen, kindermusicals, Lessons & Carols, het overleg in de Raad van Kerken.

En nu voor het eerst deze gezamenlijke zondagochtendviering.

Ik denk dat we in geloofsvertrouwen mogen zeggen, dat dat kleine stappen zijn geweest op die weg van bevrijding waartoe ook wij worden geroepen.

Bevrijding vanuit het verleden van gescheidenheid als kerken,

gescheidenheid die ook in persoonlijke levens van mensen veel pijn en verdriet heeft gegeven.

 

Bevrijding, bevrijd worden is meestal niet één moment, maar is een weg, een soms lange weg van grote en kleine stappen zetten, van loslaten en achterlaten,

van soms toch achteromkijken, maar vooral ook vooruit.

Met ogen van hoop en geloof en vertrouwen dat die weg van bevrijding uitkomt in een goede toekomst.

 

Het Exodusverhaal waarover het lied van Mozes en Mirjam zingt roept op en bemoedigt om gewoon maar op weg te gaan,

steeds weer, om de stap te wagen, vanuit de slavernij naar het beloofde land.

Heel wat Israëlieten daar aan de oever van de Schelfzee zullen misschien geaarzeld en getwijfeld hebben, maar in vertrouwen op Mozes en op God hebben ze toch de stap gewaagd.

En het water wijkt en er blijkt een weg te zijn om te gaan, om de slavernij achter te laten.

En ook dan ligt er nog een lange weg voor het volk, 40 jaar lang,

een weg met af en toe gemopper en verlangen terug naar het verleden, maar uiteindelijk komen ze aan in het door God beloofde land.

En zo zijn er ook in de oecumene soms obstakels, stappen vooruit en soms ook weer achteruit.

Maar als we in geloofsvertrouwen op weg gaan, zullen ook wij ervaren dat de zee wijkt,

dat obstakels en beelden en vooroordelen wijken,

dat er een weg voor ons ligt om samen te gaan,

en dat we mogen opstaan en, steeds meer samen, verder kunnen gaan.

 

Het is eigenlijk prachtig dat voor de lezing over het Exodusverhaal juist het lied van Mozes en Mirjam is gekozen.

Zingen overstemt en overstijgt de verschillen die er zijn en misschien ook altijd wel zullen blijven.

Maar samen zingen verbindt,

zoals ook samen bidden verbindt als je daarin het leven met elkaar deelt, en elkaar herkent : de ander als een mens die is als jij, met vreugden en met verdriet en zorgen.

Dat we die kunnen delen,

en met en voor elkaar kunnen bidden in het besef dat die ene God naar ons allemaal hoort.

 

We zingen zo meteen het lied van de rechterhand van God.

Ik las ergens dat in de joodse wijsheid het oordeel verbonden is met de linkerhand van God.

Het oordeel dat grenzen stelt en zuivert, dat onrecht blootlegt en laat zien waar slavernij, angst, vooroordelen mensen gevangen en klein houdt.

Zonder oordeel worden ketenen niet verbroken.

Maar dan is daar ook de rechterhand van God, de hand van liefde en genade, zoals Jezus de zoon is van Gods rechterhand.

Dat is de hand die naar ons reikt, ons liefdevol aanraakt en doet opstaan tot leven, ons geeft aan elkaar.

De hand die ons bevrijdt en groet met vrede.

Zoals wij straks in de vredesgroet elkaar de hand reiken.

Opnieuw een stap op de weg waarop we samen verder gaan.

















Volgende kerkdienst

Eerstvolgende kerkdienst is op
Zon 23 December om 10:00 uur in De Toevlucht

Informatie bij deze dienst:
Lezingen: Micha 5: 1-4a (6) en Lucas 1: 39-45.
Thema: Ontmoeting.

Voorganger: Mw. Ellen Verheul
Ouderling van dienst: Carla Izeren