Agenda komende week

Dinsdag 27 Juni 20:00-21:30
Cantorij - De Toevlucht

Zondag 21 augustus 2016

Lezing Oude Testament Jesaja 30: 15 – 21,

 

‘In rust en inkeer ligt jullie redding,

In geduld en vertrouwen ligt jullie kracht.’

Jesaja 30: 15, een mooie tekst voor op een wandtegel of om in te lijsten.

Of misschien wel voor in je agenda te schrijven om het nieuwe school, werk en kerkseizoen mee in te gaan.

Want wellicht een toepasselijke tekst voor velen van ons.

Als relativering van al onze drukdoenerij, gejacht en gejaag, streven naar doelen, prestaties, en daarbij de onrust, stress en noem maar op.

 

‘Rust en inkeer’, wie de afgelopen weken met vakantie is geweest heeft waarschijnlijk weer gemerkt en bedacht hoe goed dat is, hoe goed dat je doet.

Tot rust komen en tot jezelf en elkaar.

Maar de ervaring leert hoe snel je na de vakantie weer terugvalt in het oude jachtige ritme van allerlei bezigheden, activiteiten en drukdoenerij.

Hoe snel je weer meedoet in het elkaar opjagen, zo dat stress en burned out weer op de loer liggen, tegenwoordig op steeds jongere leeftijd.

 

En dan ‘geduld en vertrouwen’.

Hebben we nog geduld, met elkaar?

De Social Media jagen ons op, een e-mail of whatsapp moet direct beantwoord worden.

De prestatiemaatschappij vraagt van ons om snel en efficiënt te werken.

Als je daarin niet mee kunt komen voor jou een ander.

Voor problemen moet snel een oplossing komen, in de rij staan, wachtlijsten of files ergeren ons en is soms zelfs oorzaak van agressie tegenover hulpverleners, of baliemedewerkers.

 

‘Vertrouwen’ is een kwetsbaar iets.

Vertrouwen in jezelf, in elkaar, tussen de verschillende bevolkingsgroepen in ons land.

Onderzoeken laten zien dat het vertrouwen in politiek en bestuur daalt, in banken en grote bedrijven, de EU en zelfs het vertrouwen in kerken is in het laatste onderzoek gedaald.

Om nog maar niet te spreken over ons vertrouwen in onze veiligheid en met dit alles ons vertrouwen in de toekomst.

 

Rust en vertrouwen, ik denk dat veel mensen daar naar verlangen.

Want al is de vakantietijd, met hopelijk de nodige rust en inkeer en ontspanning, nog maar net afgelopen, het is een onrustige tijd waarin we leven.

De zomer is allang geen komkommertijd meer, als tijd waarin weinig nieuws te melden is.

De journaals werden ook de afgelopen zomerweken bijna dagelijks gevuld met berichten over aanslagen en oorlogsgeweld met vele slachtoffers, over terreurdreiging.

De financiële crisis van de afgelopen jaren lijkt achter de rug maar is opgevolgd door een nieuwe crisis: de grote vluchtelingenstroom en de spanningen daar omheen.

En voor veel mensen is ook het persoonlijke leven onrustig en onzeker vanwege de betaalbaarheid van de zorg die je misschien nodig hebt, en voor ouderen de vermindering in koopkracht.

Voor jongeren is er veel onzekerheid door de tijdelijke werkcontracten, krapte op de huizenmarkt.

 

Waar vind je, waar zóek je in al die onrust en onzekerheid je houvast en zekerheid?

Het is dezelfde vraag die ook speelt in de tijd van Jesaja waarin onze tekst klinkt.

Ook een onrustige tijd.

Jeruzalem wordt bedreigd door Assyrië, de grootmacht van die tijd.

Koning Hizkia probeert een coalitie met Egypte te vormen om de dreiging van Assyrië af te kunnen houden.

Hij zoekt het dus in militaire macht.

De tekst heeft het over paarden en paarden, hoe mooi ook en in onze visie edelen dieren, paarden zijn in de Bijbel altijd verdacht, in de oudheid staan het voor militaire macht, de kracht van heersers en onderdrukkers.

En dat hier staat tegenover geloof en vertrouwen op God.

Dat is natuurlijk niet het enige eenvoudige antwoord : ‘Vertrouw maar op God’

Zo simpel ligt het niet.

Ook in de Bijbel wordt verteld dat er soms gevochten moet worden, voor recht en vrede.

Maar niet nu, zegt Jesaja, niet altijd is alles met macht en met kracht te bereiken.

Jesaja beschrijft hoe het geweld zich tegen hen zal keren:

‘Vluchten zul je, je wilt ervan door, razendsnel wordt je ingehaald’.

 

Waarin zoek je je houvast?

Ook, zoals beschreven in de onrust van onze tijd.

In de onrust en onzekerheid in je eigen leven.

En het is ook de vraag voor ons als kerken.

We bezinnen we ons voortdurend op onze plaats in de samenleving, nu we steeds meer een minderheid worden, geloof voor steeds meer mensen geen rol speelt in hun leven.

We hebben als kerk de neiging om daarbij steeds maar te zoeken naar nieuwe activiteiten om te laten zien dat we wel van belang zijn, we zoeken naar nieuwe vormen, moderne communicatiemiddelen.

Alsof wij de kerk moeten redden.

 

Jesaja tekent een ander perspectief.

‘Rust en inkeer, geduld en vertrouwen, daarin ligt je redding, je kracht’.

Maar die woorden moeten we wel goed uitleggen.
In de Bijbel wordt, vooral in de meer poëtische, dichterlijke teksten, soms twee keer hetzelfde gezegd, in andere woorden.

De tweede keer legt de eerste keer uit, en omgekeerd.

 

‘Rust’ staat er als eerste, en dat kan ons aanspreken en een voornemen zijn om dat na de vakantie vast te houden.

Rust als niet te veel drukte, niet de jachtigheid, niet voortdurend op je telefoon kijken of je e-mail, je niet laten opjagen.

Hoe goed ook, Jesaja bedoelt toch een andere rust, rust die in de tweede helft van het vers wordt ingevuld met ‘vertrouwen’.

Vertrouwen is de basis van het leven, hoe je in het leven staat.

Het is naast liefde het belangrijkste wat je als ouders je kind mee kunt geven, dat het opgroeit in een veilige, vertrouwensvolle omgeving, dat het zelfvertrouwen leert.

En ook in het geloof is vertrouwen een basiswoord.

Vertrouwen is vanuit de Bijbelse taal de beste omschrijving van geloven.

Geloven is niet in de eerste plaats het voor waar houden van de geloofsleer of allerlei dogma’s, maar geloven in vooral vertrouwen.

Vertrouwen in God, op God, geloven dat je leven gedragen wordt, geborgen is bij God.

En daarin, in dat geloofsvertrouwen rust vinden, grond voor je leven, dat is wat Jesaja hier bedoelt.

Niet: maar achterover te leunen en af wachten totdat het allemaal wel goed komt.

Maar ook geen activisme alsof het allemaal van ons afhangt.

Maar in vertrouwen op God leven, onze weg gaan.

 

Daarom ook dat woord inkeer, ‘bekering’ zei de vorige vertaling en dat is eigenlijk beter vertaald en sprekender.

Het gaat niet om inkeer, naar binnen, innerlijkheid.

Maar om omkeer, een wending in je leven, je leven richting en invulling geven vanuit het vertrouwen op God.

Vertrouwen dat er een stem zal zijn die je richting wijst.

Zoals het laatste vers van de lezing: ‘Met eigen oren zul je een stem achter je horen: ‘Dit is de weg die je moet volgen. Hier moet je rechts. Ga daar maar links’. ‘

Een stem achter je, een steun in de rug.

 

Jesaja herinnert het volk aan haar geschiedenis met God, roept de uittocht uit Egypte en de woestijntocht in herinnering, waarin God aanwezig was.

‘God zal zich over je ontfermen als je weeklaagt,

Brood geven in benauwenis, water in nood, onderricht.’

Zoals eens in de woestijn: brood, water, de wet, de Tien Woorden.

Zo trekt God ook nu mee met het volk, zegt Jesaja, en zal God richting wijzen.

 

In die traditie die ons is doorgegeven, vanuit die geloofservaring mogen ook wij op God vertrouwen.

En dat vertrouwen op onze beurt weer doorgeven aan onze kinderen.

Zoals we straks de jongeren toe zullen zingen:

“Je hoeft niet alleen, je gaat met die Ander in zee

Een vader, een moeder, een vriend,

Dat is God die gewoon zegt: ‘Ik leef, Ik ga met je mee’.

 

U bevindt zich hier: Home De Dominee Preken Zondag 21 augustus 2016