Lezing Oude Testament Zacharia 14: 4-9,

 

Lezing Nieuwe Testament: Openbaring 1: 9 – 11, 8: 1-5,

 

 

We lezen op deze eerste zondag van Advent uit het laatste Bijbelboek Openbaring.

Dat is niet zo’n gebruikelijke en ook niet zo’n gemakkelijke keuze.

Past dat bij elkaar?

Advent, begin van een nieuw kerkelijk jaar, verwachting van geboorte, nieuw leven, van het licht van God dat in de wereld komt,

uitlopend op Kerst waarna we tot Pasen de verhalen over het leven van Jezus zullen horen.

En dan vandaag een verhaal vol allerlei beelden over de verre toekomst.

Tenminste zo wordt het Bijbelboek Openbaring vaak gelezen, dat het gaat over de tijd dat Gods rijk zal aanbreken, het eind der tijden, de jongste dag.

 

Toch is de keuze van de lezing uit Openbaring ook weer niet zó vreemd.

Want Advent is verwachten en vooruitkijken naar Kerst, de geboorte van het kind Jezus.

Maar tegelijk kijken we in Advent ook verder,

daarin verwachten we ook de toekomst van God, Gods Licht dat zal komen en doorbreken voor héél de wereld, voor álle mensen.

Advent is als het ware ook ieder jaar weer een oefening in verwachten, uit blijven kijken naar Gods toekomst, die verwachting volhouden, ernaar toe leven.

En dat oefenen in blijven verwachten en blijven uitzien naar die toekomst van God, dat oefenen is denk ik wel nodig.

Want wie heeft niet soms, of vaak, het gevoel dat er niet veel verandert in de wereld,

dat alles maar bij het oude blijft, steeds weer hetzelfde, oorlogen en rampen, ongelukken, ziekten.

Voor de ene ziekte wordt een medicijn gevonden, maar dan dient zich weer een nieuwe ziekte aan.

De ene oorlog lijkt afgelopen, eindelijk vrede, of ergens anders laait het geweld weer op.

Herhaalt de geschiedenis zich niet eindeloos?

Gaat het wel ergens naar toe met deze wereld, met onze geschiedenis?

 

Verwachten wij wel werkelijk iets?

Dat is de vraag die in Advent voor ons klinkt.

En dan niet alleen het feest van kerst, twee dagen gezelligheid, licht, mooie vieringen, samenzijn, lekker eten.

Mooi en goed.

Maar daarna, na de tweede kerstdag, gaan we dan weer op dezelfde, oude voet verder?

Alles weer bij het oude?

Zoals ook straks in het nieuwe jaar alles toch eigenlijk bij het oude lijkt te zijn gebleven.

Wat verwachten wij?

En houden we het vol werkelijk te blijven verwachten en uitzien naar een goede toekomst, een toekomst naar Gods bedoeling en belofte, en daar naar toe te leven?

Het boek Openbaring laat zien dat het verwachten en toeleven naar Gods toekomst een zaak van lange adem en geduld is.

En dat is niet bedoeld als ontnuchtering, zo van ‘reken er voorlopig maar niet op’,

maar dat is bedoeld als troost en bemoediging, zoals het boek Openbaring ook bedoeld was in de tijd dat het is geschreven.

Als boek van troost voor de gelovigen van die tijd van Johannes.

 

Het boek Openbaring gaat over de toekomst, maar wel op een bepaalde manier.

Soms wordt Openbaring gelezen alsof de boodschap rechtstreeks op onze geschiedenis te leggen is, alsof onze actualiteit van oorlogen en rampen er al in te lezen is.

Sommigen denken dan vanuit Openbaring zelfs de datum van de eindtijd uit te kunnen rekenen,

op internet is een lange lijst van eindtijdvoorspellingen door de eeuwen heen te vinden,

waardoor mensen bang worden, zich zelfs terugtrekken in een sekte, hun baan opzeggen of kinderen thuishouden van school, en zelfs heeft het geleid tot groepszelfmoord,

totdat de uitgerekende datum aanbreekt en er niets gebeurt, waarna weer een nieuwe datum moet worden uitgerekend en vastgesteld.

Op die manier mag je de Bijbel en het boek Openbaring niet gebruiken, als een  spoorboekje of tijdstabel voor de geschiedenis.

 

Openbaring is geschreven aan het eind van de eerste eeuw, in de tijd dat de Romeinen heersten en waarin de eerste christelijke gemeenschappen ontstonden en groeiden, vaak met vervolging en onderdrukking.

In die tijd is het boek Openbaring geschreven als een vorm van verzetsliteratuur.

En daarom is het geschreven in een soort geheimtaal, om christelijke gemeenschappen te bemoedigen, zonder dat de overheerser de boodschap ervan zou kunnen begrijpen.

Daarom al die beelden en symbolen die ook voor ons als lezers nu vaak maar moeilijk te begrijpen zijn.

 

De boodschap van Openbaring kun je samenvatten als:

Houd moed, blijf volhouden, houd vast aan het geloof, maak je geen zorgen over de toekomst: de overwinning is uiteindelijk aan het lam.

En wie met het lam bedoeld wordt is voor iedere christen, toen en nu, duidelijk: Jezus Christus.

Het lam, de weg van het lam, de weg van liefdevolle dienstbaarheid, dat is wat redding zal brengen en toekomst geeft.

Niet de machten van de wereld, zoals in die tijd het Romeinse Rijk.

Redding en toekomst wordt niet bewerkt door wapens, geweld, geld, macht en kracht.

Maar redding, heil, toekomst, komt van het lam dat regeert vanaf het kruis, door de macht van weerloosheid, door de kracht van de liefde.

Het leven, de weg die Jezus gegaan is, daarin groeit en ontvouwt zich toekomst, die weg geeft leefbare toekomst, leefbaar leven voor mensen.

Dat is toekomstbestendig, duurzaam, zouden we met de taal van nu zeggen.

 

Dat is lang niet altijd gemakkelijk om voor ogen te blijven houden, om daarin te blijven geloven en erop te blijven vertrouwen.

Die boodschap wordt bijna dagelijks tegengesproken door al de problemen die in de wereld aan de orde zijn, en door al de berichten van geweld en oorlog, armoede, machtsmisbruik, ziekte en dood.

Maar de onzekerheid en de angst vanwege die realiteit los je niet op door in Openbaring aan te wijzen hoe de geschiedenis zal verlopen en waar dat op uitloopt.

Dan doe je geen recht aan de symboliek van dit Bijbelboek.

Maar wel mogen we daarin lezen dat de toekomst Gods toekomst is,

dat de geschiedenis, hoe die ook gaat, dat daarover  Gods licht valt, en daarom toekomst heeft.

In alle onzekerheid van het leven wil de schrijver van het boek Openbaring die zekerheid verkondigen.

Bemoedigend én realistisch.

Zoals een collega schrijft bij de opbouw van het boek Openbaring: dat die opbouw laat zien:

‘we zijn er bijna, maar we zijn er nog lang niet’.

 

En dat ‘bijna, maar nog lang niet’ blijkt ook uit onze lezing uit Openbaring van vanmorgen.

Het is een klein gedeelte uit heel het boek, met een paar beelden uit de veelheid van beelden en symbolieken die erin naar voren komt.

Om het in de termen van deze eerste decemberdagen te tekenen: het boodschap van Openbaring lijkt een hele goede Sinterklaassurprise:

Steeds denk je dat je bij het cadeautje bent en dan komt er nog weer een laag, weer nieuwe beelden en symbolen.

Steeds denk je in de loop van de hoofdstukken dichtbij de ontknoping van al die beelden te zijn, en dan gaat het toch weer verder met weer nieuwe beelden en symbolieken.

In de vorige hoofdstukken 6 en 7 gaat het over zes zegels van een boekrol die geopend worden,

en bij elke zegel verschijnen beelden, van paarden die oorlog, dood, hongersnood en ziekten brengen, over aardbeving die komt.

De ontknoping lijkt dichtbij in de verzen die wij gelezen hebben waarin het zevende zegel wordt verbroken, maar dan verschijnen er zeven engelen met bazuinen en opnieuw zullen allerlei rampen volgen.

En dan in hoofdstuk 15 nog weer zeven schalen die uitgegoten moeten worden en weer volgen ziekten, duisternis, dood en verderf.

Alsof er geen einde aan komt.

 

In onze lezing is het aan het zevende zegel van de boekrol toe.

Je verwacht de ontknoping.

Maar als het zevende zegel door het lam wordt verbroken……. gebeurt er niets.

Alleen stilte is er in de hemel, een half uur.

Alsof alles even stilstaat.

En dan zeven engelen met een bazuin, een engel met een gouden wierookschaal om heel veel wierook te offeren op het gouden altaar,

Waarvan de rook samen met de gebeden van de gelovigen opstijgt naar God.

En het eindigt met vuur van het altaar op de schaal, die op aarde geworpen wordt, met donderslagen en bliksemschichten en een aardbeving.

En dan volgen de 7 bazuinen en daarna 7 schalen met opnieuw allerlei rampen.

 

Maar wat betekent die stilte bij dat zevende zegel?

Stilte is niet niets.

Stilte kan leeg maar ook heel gevuld zijn,

bedreigend en angstig, maar ook heel weldadig om tot jezelf en wie weet tot God te komen.

Na het verbreken van het zevende zegel wordt het in de hemel stil.

Houdt de hemel hier de adem in voor wat er nog komt?

Stilte voor de storm?
Of is het de stilte van verwachting, de openheid voor wat komt, wat mogelijk is?

 

Zou het de stilte van de zevende dag kunnen zijn, de zevende dag na zes scheppingsdagen,

de sabbat, de rustdag waar de schepping op uit loopt, de dag van God, de tijd van God.

De geschiedenis, de actualiteit, de realiteit,

in 6 zegels, 6 bazuinen en 6 schalen wordt het in Openbaring getoond, ontvouwt het zich op imposante wijze in al die beelden die wij herkennen in de wereldgeschiedenis: rampen en plagen, dood en afgrond.

De vicieuze cirkel van de geschiedenis die zich herhaalt, niet nieuws onder de zon.

Maar dan is er ook steeds de zevende,

de zevende zegel, bazuin, en uiteindelijk de zevende schaal, de 7e, die steeds vertelt van Gods tijd, de gevulde tijd, de ware tijd en geschiedenis, waarin God in en door alles heen doende is, waarin God zíjn geschiedenis schrijft, het verhaal van hoop en toekomst.

 

Door de wereldgeschiedenis heen, de realiteit van alledag, al eeuwenlang, alsof er niets werkelijk verandert, jaar in jaar uit,

iedere jaar weer advent en kerst en pasen en ga zo maar door, alsof we in een cirkel ronddraaien,

en toch, daar doorheen ontvouwt zich Gods geschiedenis, een weg naar toekomst, toekomst van leven en licht, van weldadige, gevulde stilte en rust, de schepping voltooid.

 

Bij die hoop en verwachting worden wij, iedere advent opnieuw bepaald.

Vieren we advent, lezen we af en toe uit het boek Openbaring, als oefening in verwachten, in volhouden, blijven hopen en uitzien naar het licht van God voor álle mensen.

Dat is advent!

 

Volgende kerkdienst

Eerstvolgende kerkdienst is op
Zon 23 December om 10:00 uur in De Toevlucht

Informatie bij deze dienst:
Lezingen: Micha 5: 1-4a (6) en Lucas 1: 39-45.
Thema: Ontmoeting.

Voorganger: Mw. Ellen Verheul
Ouderling van dienst: Carla Izeren